Székesfehérvár

Székesfehérvár

 

Székesfehérvár, stad in Hongarije, hoofdstad van de provincie Fejér, aan de Sárníz, met 110.000  inwoners.

 

Kenmerken

Handelscentrum en belangrijk verkeersknooppunt (spoorlijnen); bisschopszetel.

De industrie omvat onder meer spoorwegwerkplaatsen, bouw van  autobussen en aluminium-, elektrotechnische, levensmiddelen- en andere lichte  industrie. 

 

István Királymuseum  (1873; o.m. Romeinse vondsten).

Het gebied rond de ruïnes van de 11de-eeuwse  basiliek, begraafplaats (tot 1540) van vele Hongaarse koningen, is ingericht als openluchtmuseum met een lapidarium.

De stad bezit enkele fraaie, 18de-eeuwse  gebouwen, w.o. de domkerk, het raadhuis, het bisschoppelijk paleis en een  cisterciënzer- en een franciscanenklooster; gotische St.-Annakapel (1470).

Székesfehérvár werd door de Romeinen als Alba Regia gesticht. Tot de 13de eeuw was het  residentie en kroningsstad van de Hongaarse koningen. 

Na de verovering door de Turken (1543) begon een periode van verval, die culmineerde in de totale verwoesting van de stad bij hun vertrek in 1688.

In de 18de eeuw brak opnieuw een bloeiperiode aan. In de Tweede Wereldoorlog werd de stad opnieuw verwoest.

 

Onbekend natuurschoon

Een  stukje Hongaars natuurschoon vlakbij Székesfehérvàr dat slechts enkele  ingewijden kennen: neem de bus naar Szabadbattyàn (vlakbij richting zuidwest). 

Het dorp is op zich oninteressant. Neem als einddoel Tàc op ca. 6 km, bekend vanwege de Romeinse site Gorsium.

Even voorbij de snelweg M7 die je route van Szabadbattyàn naar Tàc kruist verlaat je de weg en loopt door de velden naar  het noordoosten.

Je komt uiteindelijk in een legelô-gebied, land dat  onvruchtbaar is en ‘s winters doorweekt is van het water, de enige mogelijke  landbouw is daar grasland.

Uiteindelijk kom je na ongeveer een half uur bij de Màlomcsatorna, eigenlijk twee parallel lopende beken die niet zo fraai zijn want het zijn eigenlijk open riolen.

Maar..........

als je rechts afdraait en parallel ermee loopt  (richting Tàc) wisselt de legelô zich af met boomzones en visvijvers met rietkragen.

Daar houdt zich een indrukwekkende flora op, als je er bij schemer in alle stilte een uurtje doorbrengt zie je zeker damherten, reeën, vossen en allerlei roofvogels.

Het is dan ook niet te verwonderen dat wildgerechten er deel uitmaken van het feestmenu bij de lokale bevolking.

  GooglePlus  TwitterFacebook YouTube Copyright : 2013 - 2015    Sitemap